Wat aandacht krijgt wordt meer, Lidy Noorman verbindt in Twente

Foto: Henk Leerssen

Als kind werkte ze al aan verbinding. Ze woonde in een aandachtswijk en zat op één van de eerste zwarte scholen in Twente. Spelen met kinderen afkomstig uit andere culturen was voor haar heel normaal, en ze richtte een kinderclub op met vriendjes uit de buurt. ‘Die school heeft me gevormd en verrijkt. Turkse of Marokkaanse kinderen kregen bijvoorbeeld les over hun eigen achtergrond, in hun eigen taal en waren dan even uit de klas. Dat werd uitgelegd door de leraar, en ik vond het logisch. Het bevestigde dat we allemaal anders waren en tegelijk volkomen gelijkwaardig.’

Omzien naar elkaar
Haar ouders werkten hard in de wijk waar velen leefden van een uitkering, maar Noorman heeft ze nooit onderscheid horen maken. Ze zag wel dat niet iedereen net als zij elk jaar op vakantie kon, en ook dat opende haar ogen voor de omstandigheden van anderen. Af en toe hielp ze als allochtone vriendinnetjes met vragen kwamen. “Omzien naar elkaar” werd een mindset die haar gedreven heeft, en nog drijft. ‘Ik kan slecht tegen onrecht en heb er een hekel aan dat mensen in hokjes geduwd worden’, vertelt ze. Het is niet vreemd dus, dat zij gekozen heeft voor welzijnswerk. Haar kracht ligt in het bijeen brengen van partijen, die iets voor elkaar kunnen betekenen. Daarbij probeert ze op lokaal niveau de behoefte van de een, af te stemmen op het aanbod van de ander. Na tien jaar gewerkt te hebben bij een grote organisatie, is zij in 2007 voor zichzelf begonnen.

De Slinger
Een van de grote projecten waar Noorman zich hard voor maakt, is De Slinger Hengelo, waar zij in 2010 Carla van der Wal heeft opgevolgd als projectleider. De Slinger is opgericht in het westen van het land na de moord op Theo van Gogh in 2004. De sfeer was toen negatief, er was veel wantrouwen tussen allerlei partijen, die soms zelfs geëmotioneerd tegenover elkaar stonden. Een aantal topmensen uit het bedrijfsleven waren als tegenreactie op zoek naar verbinding. Zij wilden iets doen voor de samenleving en kregen ondersteuning van een groot aantal bedrijven dat zich aansloot. Zo kwam “maatschappelijk betrokken ondernemen” tot stand in de vorm van De Slinger.

Elkaar wat gunnen
In 2007 werd De Slinger Hengelo opgericht, met als doel maatschappelijke organisaties te helpen bij het realiseren van hun initiatieven en projecten. Noorman: ‘De Slinger vervult daarbij een makelaarsrol en stemt vragen van bijvoorbeeld sportclubs, muziekverenigingen en verpleeghuizen af op het aanbod van bedrijven die iets willen betekenen voor de gemeenschap.’ Met gesloten beurs komen overeenkomsten, matches tussen deze partijen tot stand gedurende het hele jaar, maar in het voorjaar gebeurt dat live tijdens de Slingerbeurs. Op de bruisende beursvloer waar anderhalf uur ‘gehandeld wordt’, spatten de betrokkenheid en het enthousiasme eraf. ‘Dat matchen geeft een enorme kick, het gaat niet om geld, maar om zorg voor elkaar, elkaar wat gunnen.’ Dit jaar viert De Slinger Hengelo het tienjarig jubileum. Er zijn vanaf de oprichting tot nu 2400 matches gesloten met een waarde van €2.000.000. Dat bedrag is direct ten goede gekomen aan de Hengelose samenleving en daar is Noorman trots op.

Investeren in jezelf
Op de vraag naar de meerwaarde voor het aanbiedende bedrijf stelt zij enthousiast: ‘Het geeft je organisatie een vriendelijk gezicht, dat komt over bij de consument. Het geeft je een goed gevoel anderen te helpen en je moet niet vergeten: de maatschappij, dat zijn wij! Elke ondernemer is onderdeel van de samenleving, je investeert ook gewoon in jezelf!’
Dat beseffen ook de leden van Twentse Noabers, een coöperatie van burgerinitiatieven in Twente die  Noorman met Adviseur Zorg Marcel Bouwhuis heeft opgericht in november 2017. De coöperatie heeft acht en binnenkort tien deelnemende burgerinitiatieven van mensen die mét elkaar, iets doen vóór elkaar. Noorman is zelf betrokken geweest bij het opzetten van twee burgerinitiatieven, beiden “BewonersBedrijven” in Hengelo: ‘Het ging allereerst om ouderen in de wijk die moesten gaan verhuizen omdat de dokter te ver weg was en de tuin te groot werd om zelf te onderhouden.’

BewonersBedrijf
Wijkbewoners hebben dit probleem samen opgepakt. Ze wilden de wijk schoner en mooier maken en de leefbaarheid versterken. Er is een bedrijfsplan gemaakt en op basis van ideeën en wensen van de bewoners zelf zijn er projecten opgezet. Nu vervoeren ze ouderen en andere wijkbewoners tegen kleine bedragen in een auto naar de dokter, zijn beschikbaar voor administratieve taken of helpen met kleine klussen. Woningbouwvereniging Welbions heeft een stuk grond in bruikleen gegeven waar vrijwilligers vijf biologische moestuinen onderhouden. Noorman: ‘Burgers hebben vaak jarenlange ervaring op allerlei vlakken en kunnen deskundige hulp bieden.’ De opbrengsten van deze activiteiten vloeien terug naar het BewonersBedrijf en worden ingezet voor de wijk. ‘Burgers ontmoeten elkaar weer, in de Berflo Es bijvoorbeeld in een omgebouwde SRV-wagen, “De Baliebus”. Eenzaamheid wordt tegengegaan door samen het kopje koffie te drinken, waar de reguliere zorg geen tijd meer voor heeft. Hoe mooi is dát!’

De Generatietuin
Dan vertelt ze enthousiast over een ander lid, Stichting de Generatietuin, die in Wierden is opgericht. ‘Hier tuinieren ouderen met kennis over en ervaring met moestuinen, samen met kinderen uit de buurt. Doel is kennisoverdracht, maar ook wordt kinderen geleerd respectvol om te gaan met de natuur.’ Daarnaast is het ontmoeten belangrijk, het bij elkaar brengen van leefwerelden die in onze huidige maatschappij voornamelijk apart opereren. Zo ontstaat een win-win situatie.

De mens centraal
Voorafgaand aan de oprichting van de coöperatie Twentse Noabers zijn statuten geformuleerd waarin indrukwekkende doelen en kernwaarden vermeld staan. Als eerste moet de mens weer centraal staan. Dat is de leidraad waar Noorman zich als projectleider aan vast houdt bij elke beslissing die genomen wordt. ‘We willen niet praten, maar dóen en als de mens niet centraal staat, is het “nee”. In de huidige maatschappij is de regelgeving boven de burger verheven. De taal van mensen en die van het systeem botsen vaak, en wie buiten de regels valt staat in de kou. Dat kan echt ánders.’ Ook wil Twentse Noabers eerlijker delen en het belang van de gemeenschap voorop zetten. ‘En ook dat kán gewoon!’, vertelt Noorman, ‘Als één van de burgerinitiatieven financieel niet helemaal rondkomt, staan anderen bij, omdat we een fonds gaan opzetten om tekorten op te vangen. We willen een impuls geven aan de maatschappelijke, sociale, ecologische en economische transitie in Twente. Onderlinge betrokkenheid en het kunnen delen met elkaar moet weer belangrijker worden dan de macht van geld.’

Positief mensbeeld
Deze initiatieven vallen of staan met een positief mensbeeld en getuigen van een kritische houding ten opzichte van het systeem, kenmerken die passen bij Noorman. ‘Ik geloof dat de mens van nature goed is, en het goede doet vanuit eigen vrije wil. We moeten minder protocolleren en controleren en meer bevragen en mogelijkheden scheppen, daarmee kunnen we eigen initiatief versterken. Wat aandacht krijgt wordt meer.’ Zo ziet ze ook haar eigen rol als projectleider. ‘Bij De Slinger kan ik veel aan vrijwilligers overlaten, allen nemen vanuit eigen deskundigheid verantwoordelijkheid op zich en regelen de dagelijkse zaken. Zo kan ik tijd besteden aan nieuwe ontwikkelingen en vooruit lopen.’
Met haar kritische houding is zij vaak een “luis in de pels”, maar Noorman streeft ernaar samen te werken en zonodig binnen het systeem te zoeken naar mogelijkheden en oplossingen. ‘Hoewel we in de toekomst onze eigen broek op zullen houden, bestaat Twentse Noabers ook dankzij hulp van Partners, instanties en ondernemingen die bij willen dragen aan de gemeenschap. Netwerken en samenwerken blijft altijd het doel.’

Idee voor andere regio’s?
De Slinger is in andere steden niet echt van de grond gekomen. Maar meer dan zestig steden in Nederland zijn onder de naam ‘De Uitdaging’ ook bezig met het verbinden van maatschappelijke organisaties en bedrijven. Dat vindt Noorman prachtig, maar ze weet dat het erop aan komt zelfstandig te blijven draaien als financiële ondersteuning na de opstartfase stopt. ‘Rotterdam heeft ons gevraagd te komen vertellen over de coöperatie Twentse Noabers. Maar we willen eerst concrete acties ondernemen en onze plannen waarmaken. Dus wat mij betreft is het daar nu nog te vroeg voor.’ Twente heeft van oudsher iets met Noaberschap en de kleine dorpskernen zijn redelijk makkelijk samen te brengen. In een groot stedelijk gebied zal dat moeilijker zijn. Toch denkt ze dat een project als Twentse Noabers ook bínnen steden uitgerold zou kunnen worden. Ze besluit: ‘Vraag is er altijd en er wordt vast al veel gedaan voor de gemeenschap. Dit soort wensen en initiatieven hoef je alleen maar aandacht te geven, door ze te vinden, verbinden en versterken. Want wat aandacht krijgt wordt meer!’

Mariska van Doorn